5.7.3. Het geldsysteem

Geld 

Geld is een belangrijk onderdeel in het leven van de mens. In de huidige vorm is het een absolute autoriteit op zich. Het is een autoriteit omdat deze is opgebouwd uit verschillende lagen en omdat er leiders in het systeem zijn die bepalen welke kant de rest opgaat. Hoe hoger op de ladder, hoe meer invloed je kan uitoefenen. De piramidestructuur.  Je hebt de leider(s) die beslissen hoe het systeem verloopt en wat de verhoudingen zijn tussen de “hogere” en “lagere” blokken. De banken die leiders zijn binnen het financiële systeem. De leiders geven orders, ontwikkelen en vernieuwen het systeem en de geschreven en ongeschreven regels waaraan iedereen zich dient te houden. In ogenschouw nemend, dat deze autoriteit zijn territorium dient te delen met anderen die ook een vorm van autoriteit op de mensheid proberen uit te oefenen. Dat is de basis. Het geldsyssteem is voor het uitoefenen van macht en controle over mensen, landen en continenten een middel wat veel invloed kan uitoefenen. Iets wat verderop in deze paragraaf ook duidelijk zal worden.

Haast alles in deze wereld wordt tegenwoordig verhandeld in geld en verschillende vormen van valuta. Valuta is een algemeen geaccepteerd geldmiddel in een land of landen. Geld, een middel waarmee je een goed, een dienst of een zaak kan kopen. Een middel die jou en mij de mogelijkheid biedt om ons leven te behouden en verder op te bouwen. Alles in deze wereld is zo sterk gebaseerd op de autoriteit geld, dat ontsnappen haast onmogelijk is. Het is overal en als je wat wil, ben je al snel overgeleverd aan de regels van geld. Met als gevolg dat je je over dient te geven aan de regels die door de leiders van deze autoriteit zijn opgesteld. Dat geeft de leiders van de autoriteit enorm veel macht. Want zij sturen aan. De leiders van het financiële systeem, de banken zijn ook op het hoogste niveau niet verbonden aan 1 bepaald land, het opereert over de hele wereld. Van kleine banken tot aan grote die te groot zijn om om te vallen. Iets wat we in 2008 goed terug hebben kunnen zien. Waar de bevolking, de belastingbetaler banken uit de problemen haalde, door geld te investeren. Daarnaast werd en worden de centrale banken gebruikt om geld bij te drukken, om zo het huidige financiële systeem aan het infuus te leggen.

Hoe werkt de economie in het kort:

Een basis economie werkt op de volgende manier. Alles is gericht op transacties tussen personen en bedrijven. Als voorbeeld krijgt de ene persoon een goed en de ander een bedrag in geld of krediet ter waarde van dat goed. De één koopt, de ander verkoopt. De opeenstapeling van alle transacties is de economie. Transacties zijn te plaatsen in 3 hoofdgroepen, namelijk goederen, diensten en financiële waardepapieren, bijvoorbeeld aandelen. Elke gelijke groep van transacties creëert een markt. Zoals de auto markt, de groente markt, de aandelen markt, de kleding markt en ga zo maar door. De samenkomst van al die markten is de economie in het geheel. Het totale geld, het totale krediet en de daar tegenoverstaande goederen, diensten en waardepapieren zijn de totale som van al het financiële verkeer. Als je het krediet of te wel schuldpapier weghaalt, dan heb je het daadwerkelijke geld tegenover de daadwerkelijke goederen, diensten en waardepapieren. Dit staat met elkaar in balans. Hoe meer productiviteit er is, hoe meer geld er in omloop kan zijn. Want het staat gelijk tot elkaar. Dit is een gezonde basis. Je kan alleen kopen wat je hebt en door meer te produceren kun je meer kopen. Wat meer geld in omloop brengt.

In onze globale economie is iets toegevoegd namelijk de mogelijkheid tot krediet. Krediet in simpele vorm is het krijgen van bijvoorbeeld geld om te gebruiken en wat je later terugbetaald aan de uitlener. Dit heb je in vele vormen van een vriend waar je wat geld van leent, een goed wat je alvast meekrijgt en je later zal betalen, of bijvoorbeeld een lening bij een financiële instelling wat over maanden, jaren terugbetaald moet worden. Krediet zorgt ervoor dat we als mens al iets kunnen kopen of consumeren wat we op dit moment nog niet hebben. Wat we pas in de toekomst denken te verdienen en dus later in stappen of in het geheel terug zullen betalen. Het biedt dus mogelijkheden om alvast iets op te bouwen wat anders pas mogelijk in de toekomst gerealiseerd had kunnen worden.

De som van al het daadwerkelijke geld, het krediet en daartegenover staand de goederen, diensten en financiële waardepapieren, maakt de balans op van de huidige staat van de economie.

Hoe verkrijg je krediet? Krediet verkrijg je via een persoon, bedrijf of instelling die je geld wil lenen. Dit doen ze niet zomaar. tegenover het lenen staat vaak een tegenprestatie, namelijk het betalen van rente. Rente is het verdienmodel van een bank, een financiële instelling of natuurlijk persoon. Zij willen nog meer geld verdienen en jij of ik kan de de woning, de auto, de verbouwing kopen/betalen die we voor ogen hebben, maar waarvoor we nu nog niet zelf het geld hebben.

Door te lenen ontstaat er geld wat nog geen onderpand heeft. Het wordt pas in de toekomst terugbetaald met rente die de uitlener een extra bedrag oplevert. Hoe meer geld er in het geheel wordt uitgeleend, hoe hoger de totale schuldenlast wordt. Krediet = schuld aan. Hoe meer je leent, hoe meer je in de toekomst moet produceren, dan wel verdienen, om de lening af te betalen.

Krediet is in de economie naast het geld uit productie de belangrijkste speler. Omdat het krediet wat in essentie een schuld is, wordt gebruikt om iets te kopen. Bijvoorbeeld een auto, een huis, een ander goed. Door het te kopen ontvangt een ander bedrijf of persoon geld van jou en mij, waarmee weer nieuwe goederen of diensten gekocht kunnen worden. Zo wordt de geld hoeveelheid in een economie groter en groter. De hoeveelheid geld per persoon wordt ook hoger. Doordat er meer en duurdere goederen en diensten gekocht kunnen worden, worden prijzen mede door de verdere schaarste van goederen hoger. Inkomen wordt hoger doordat bedrijven en personen meer spullen, diensten verkopen. De prijzen voor goederen worden hoger door schaarste en tegelijkertijd de aanwezige behoefte. Ook wel het vraag en aanbod principe. Dit werkt van maand op maand, van jaar op jaar tot hogere groei, maar ook uiteindelijk tot recessies, economische periodes van voorspoed en tegenspoed. De ritmes van opkomst en neerval die continue gaande zijn in grotere en lagere seizoenen.

Krediet en de daarbij horende rente is hierin de bepalende factor. De financiële wereld is voor het grootste gedeelte gebaseerd op schuld en voor maar een klein gedeelte gebaseerd op daadwerkelijk onderpand, daadwerkelijk geld. Krediet allemaal bestaande uit garanties aan een derde partij, die weer garanties heeft gedaan aan een 4e partij, die weer garanties heeft gedaan aan een 5e partij en ga zo maar door. Allemaal gebaseerd op schuld. Zolang het niet geïnd wordt, is er niets aan de hand. Dan blijft het systeem zo doorgaan. Via de cyclus van inflatie, deflatie, economische groei en kleine en grote financiële  crisissen gaat het financiële leven door. Allemaal in ritmes. In grote en kleine golven.

Geldcreatie en de mogelijkheid tot lenen. 

Als je kijkt naar de manier waarop geld geleend kan worden, dan heb je in ieder geval 2 belangrijke mogelijkheden. Namelijk het geld wat aan persoon geleend kan worden gebaseerd op de huidige en mogelijk toekomstige situatie van deze persoon en de mate waarin in dit geval een bank geld kan uitlenen. Want krediet is in eerste instantie schuld, wat pas in de toekomst afbetaald zal worden + rente.

Consument:

De consument heeft een bepaald inkomen. Dit inkomen kan gegarandeerd zijn door als werknemer aan de slag te gaan bij een werkgever of bijvoorbeeld door als werkgever een bedrijf te runnen waarmee geld wordt verdiend. De mate van geld verdienen van nu en mogelijk de toekomst, bepaald wat je nu kan lenen bij een bank. Een vorm van toekomstige garantie. Als je bijvoorbeeld 50.000 euro per jaar verdiend, zou je mogelijk 15.000 euro kunnen lenen om uit te geven aan een product, dienst of zelfs een ander financieel waardepapier. Naast je 50.000 aan daadwerkelijke inkomsten geef je de 15.000 die uit het niets is gecreeerd extra uit. Nu ontvangt een persoon die 15.000 euro van jou voor een product. Met die 15000,- extra kan de persoon in kwestie meer gaan lenen, dan alleen zijn normale inkomsten van 30.000,-. Want zijn inkomsten zijn in 1 keer verhoogd met de helft van zijn normale inkomsten. Hij heeft nu 45.000,-. Hij wil ook iets nieuws kopen waarvoor hij het geld niet geheel heeft en vraagt een lening aan bij een bank en vraagt om het maximaal te lenen bedrag en krijgt 13.500 om te lenen. Het wordt uit het niets gecreëerd, omdat het pas later terugbetaald wordt. Een nieuwe schuld ontstaat, tegelijkertijd wordt het bedrag direct gebruikt voor een nieuw product gebruikt. Elke keer ontstaat er een nieuwe schuld op een nieuwe schuld, op een nieuwe schuld. De kredietberg of te wel schuldenberg wordt hierdoor hoger en hoger.

Dit is een voorbeeld waar in verhouding kleine bedragen gebruikt worden. Maar laten we eens overgaan tot het aanschaffen van een huis. Je gaat naar de bank toe en geeft aan dat je graag een woning wilt kopen. De bank leent uiteindelijk 200.000,- aan je uit om een woning te kopen. Dit bedrag wordt met een druk op de knop in het computersysteem gecreëerd en heeft direct waarde. Uitleg van het uit niets creeeren volgt verderop.

Het bedrag heeft direct waarde omdat je er een huis mee koopt. Dit huis is in eerste instantie niet van jou, maar van de bank. Dit komt omdat je het als onderpand geeft aan de bank. Mocht je niet betalen dan wordt het huis automatisch bezit van de bank en wordt het desnoods bij executie verkocht om alsnog het geldbedrag te kunnen ontvangen en jouw schuld zo goed mogelijk te kunnen voldoen. Met een symbolische druk op de knop en een handtekening wordt deze financiële transactie geregeld. Er is geld uit het niets gecreëerd en de bank is fictief eigenaar geworden van een gebouw of ander goed, totdat jij de lening geheel afbetaald hebt. Dit proces is continue gaande. Een goed voorbeeld is de hypotheekbel in Amerika. Die in 2008 geimplodeerd is wegens het niet na kunnen komen van financiële verplichtingen. De schuldenberg was in die periode al hoog en na 2008 is deze alleen maar hoger geworden.

Hoe dit systeem precies beknopt ontstaan is zal ik hieronder verder beschrijven. Daarnaast is het belangrijk om uitleg te geven over het creeeren van geld uit het niets en het monster rente wat de mens in een continue race houdt van groei.

De historie van het huidige geldsysteem.

De Fractional reserve

In het hele begin van de fractionale bankendynastie, had je personen, mede in de vorm van goudsmeden die geld in bewaring hielden voor andere mensen. Dit had mede te maken met de kruistochten die in de vroegere tijden werden gehouden. Er werd veel gereisd en daardoor was het handig als er bepaalde punten op de route waren, waar het geld gestald en tegelijkertijd weer opgenomen kon worden. Hiervoor kreeg de uitlener een waardepapier, waarmee hij bij tijd het geld weer op kon vragen. De eerste soort moderne bank was hierdoor geboren. Deze bewaarders van geld kregen naarmate de tijd vorderde door dat veel van het geld wat zij hadden opgeslagen, niet direct weer werd opgevraagd. Dat hield in dat zij bij tijde en wijle vele sommen geld in opslag hadden, waar niets mee werd gedaan. Geld wat in die tijd alleen in de vorm van edelmetalen munten bestond. 

De bewaarders zagen in het opgeslagen muntgeld een mogelijkheid om extra geld te verdienen. Deze mogelijkheid lag erin, dat zij geld wat ze in bewaring hadden aan andere mensen gingen uitlenen. Van bijvoorbeeld de 10.000 die zij in bewaring hadden, werd 5.000,- uitgeleend aan een derde partij . Dit gebeurde zonder medeweten van de uitlener. De rekening van de bank had op dat moment een “debet” kant ad. € 10.000,- en een creditkant ad. € 5.000,-. Over deze transactie werd een bepaald bedrag als dienst betaald aan de uitlener, laten we zeggen € 500,- aan rente-vergoeding. Zo verdiende de bank aan kredietverstrekkingen

Zo kwam er geld in omloop wat in essentie nog niet bestond. 10.000,- was de daadwerkelijke waarde en de € 5.500,- werd gecreeerd uit het niets. Iets wat pas later waarde zou krijgen en terugbetaald zou worden aan de bank. Krediet was op deze manier gecreeerd.  

De totale nota van het nieuw ontwikkelde geld was daarmee 15500,-. Terwijl er maar € 10.000,- daadwerkelijk bestond. Dit gebeurde wederom niet bij 1 persoon, maar bij vele. Met als gevolg dat er in verhouding weinig geld in kas zat. Dit systeem wat door steeds meer bewaarders, dan wel banken werd aangenomen had 1 achilleshiel. Wanneer de crediteuren hun geld niet direct nodig hadden, was er niets aan de hand was. Banken konden de leningen verstrekken aan andere mensen en er zelf geld mee verdienen. Maar op de momenten dat de crediteuren in grote getallen hun geld nodig hadden, wanneer er slechtere tijden waren, waren de banken/bewaarders de pineut. Zij hadden bij een te grote vraag, te weinig geld in kas om aan de vraag van de rechtmatige eigenaar te voldoen. Via mond op mond informatie werden mensen ingelicht over deze praktijken waardoor soms “bankruns” ontstonden. In Nederland is dit systeem begonnen in de 16e eeuw waar de Nederlandse invloed in de wereld zo groot was, dat de gulden als wereldmunt gelde, zoals de Dollar nu als wereldmunt gebruikt wordt. Het model van Nederland is later doorgevoerd in Zweden, Engeland en later over de rest van de wereld. 

Zoals alles zich ontwikkeld en zich weer vernieuwd, gebeurde dit ook met het bankwezen. Van fouten moet geleerd worden en er moet geld verdiend worden. Uiteindelijk werd een oplossing voor de onzekerheid ontwikkeld die tot op heden nog steeds gebruikt wordt.  Een oplossing die ervoor zorgde dat banken bijna geen geld meer in kas dienden te hebben en waardepapier langzamerhand het nieuwe geld werd, waardoor zij makkelijker geld uit het niets konden creëren, zonder dat zij daadwerkelijk eerst een onderpand nodig hadden in de vorm van edelmunten, geld of goederen. Het fractional reserve systeem in optima forma. Het houdt in simpele termen in, dat je een eigen vermogen in kas moet hebben en dat dit eigen vermogen een fractie moet zijn van het deel dat je uit kan lenen aan derden. Banken die het fractional system uitvoeren kunnen dus op basis van regelgeving meer uitlenen dan ze daadwerkelijk in kas hebben en dat is in de wereld erkend en omarmd. Het gebeurd nu overal. Zolang er maar een bepaald gedeelte van het daadwerkelijke geld in kas blijft, is de bank niet overtreding en mag de bank blijven uitlenen. Maar wat is het gedeelte wat in kas blijft? Hoeveel eigen vermogen mag een bank hebben en wat is dit eigen vermogen eigenlijk. Is het van daadwerkelijke waarde of is het van krediet op krediet op krediet waar het eigen vermogen op rust?

Het begint allemaal bij de standaard garantielening, die gebaseerd is op een schuld. Er is nog geen tegenprestatie gedaan, maar wel een bedrag gecreëerd, die in de toekomst via termijnen terugbetaald wordt + rente aan de uitlener. het uit te lenen bedrag wordt aan de schuldenaar, de persoon in kwestie of het land in kwestie overgemaakt. De bank heeft voor deze transactie laten we voor het gemak zeggen 10% van het uit te lenen bedrag aan eigen vermogen nodig om uit te mogen lenen. Dit eigen vermogen bestaat uit het geld wat zij op de bank hebben. 90% mag de bank uitlenen. De andere 10% dienen zij dus zelf te beheren en onder zich te hebben. Waar het hier nou in essentie om gaat, is dat die 10 % deels dan wel geheel gebaseerd is op garantieleningen. Dus de garantielening krijgt in 1 keer waarde. Hoe dit kan? Het geld wat de lener gebruikt om een  huis te kopen, wordt in haast alle gevallen na betaling opnieuw op een rekening bij de bank gezet. Het geld staat nu op de rekening en heeft in 1 keer waarde. Dit geld wordt door de desbetreffende bank als eigen vermogen gezien wat op de bank staat. Dit eigen vermogen is 200.000,-. Deze 200.000 is 100% aan eigen nieuw vermogen op de bank. Let op, 100% nieuw vermogen. Van die 100% kun je 10 x een bedrag van 180.000 creëren om opnieuw uit te lenen aan mensen die bijvoorbeeld een huis willen kopen. Want je hebt 10% eigen vermogen nodig om 90% uit het niets te creëren. Je hebt van de 1e 200.000 euro in 1 keer 1.800.000 nieuw vermogen gemaakt wat je opnieuw kan uitlenen aan mensen. Dit kan tot in de oneindigheid doorgaan. Want met elke aankoop komt het gecreëerde geld weer op de bank terecht en kan dat nieuw ontwikkelde geld gebruikt worden als nieuw eigen vermogen, waarvan je happen van 10% aan eigen vermogen moet halen om de rest uit te mogen lenen. Geld creatie.

Een tweetal extra voorbeelden van geldcreatie door garantieleningen: 

Lener A komt bij de bank om een bedrag ad. E 1.000.000,- te lenen. Hiervoor dient de bank een eigen vermogen van 100.000,- (10%) in kas te hebben. Dit bedrag wordt na een garantiecontrole aan persoon A overgemaakt. Er is zo ten eerste 900.000,- uit het niets gecreëerd, alleen gebaseerd op een toekomstige garantie van de lener. Het is dus in werkelijkheid 900.000 aan gecreeerde schuld/lucht.

Als we dan verder gaan met het voorbeeld, heeft lener A een bedrag ad. E 1.000.000,- op zijn rekening bijgeschreven gekregen. Deze 1.000.000,- kan hij zelf direct op de bank zetten (keuze 1), of hij geeft het direct uit aan derden(keuze 2).

Keuze 1:

Hij zet de 1.000.000,- euro eerst op de bank. Deze 1.000.000,- wordt vanaf dat moment door de bank gezien als 1.000.000,- aan extra eigen vermogen. Eigen vermogen waar vanuit de bank opnieuw leningen kunnen worden aangegaan. Let wel, dat 900.000,- euro van het bedrag gecreëerd is uit niets en dat maar 10%, 100.000,- eigen vermogen van de bank is.

De 1.000.000,- wordt dus gezien als eigen vermogen. De bank dient 10% eigen vermogen te hebben, om 90% uit het niets te kunnen creëren en via nieuw aan te gane garantieleningen te verstrekken aan een nieuwe lener. Dat houdt dus in, dat de bank met dit nieuwe bedrag ad. E 1.000.000,- aan eigen vermogen een nieuwe lening ad. E 9.000.000,- aan een nieuwe lener kan verstrekken en als deze lener hetzelfde als A doet, dan kan die 9.000.000,- aan eigen vermogen wat op den duur weer gestald wordt bij de bank opnieuw 9 keer verdubbeld worden tot 81.000.000,- om uitgeleend te worden aan een nieuwe lener. Hou wel in rekenschap dat er bij elke nieuw aan te gane garantielening een bepaalde garantie moet zijn van de lener om het bedrag in de toekomst af te kunnen betalen. In het klein via nieuwe huizenbezitters, gaat dat via bijvoorbeeld werkgeversverklaringen etc en via landen door bijvoorbeeld gebruik te maken van kredietbeoordelaars, die kijken naar de huidige waarde en mogelijkheid tot terugbetaling van een bepaald land. Zoals de vaak al bekende Triple A status, B status. Hoe beter je status hoe goedkoper, makkelijker en meer je uiteindelijk kan lenen. Dit is iets wat in 2008 goed mis is gegaan toen kredietbeoordelaars dan wel (doel)bewust bepaalde financiële producten, zoals de eerder beschreven credit default swaps (financiele pakketten van hypotheken) een hoge status gaven, maar wat achteraf financiele troep bleek te zijn. De betrouwbaarheid van dit soort beoordelaars is in die tijd ook in twijfel getrokken. Maar zijn daar achteraf nooit hard voor aangepakt, ondanks de verstrekkende gevolgen voor bedrijven en burgers die de problemen konden oplossen door de banken te ondersteunen. 

Keuze 2:Met dit voorbeeld wil ik meer duidelijkheid verschaffen over het eigen vermogen van banken, wanneer het geleende garantie bedrag over meerdere partijen/banken wordt verdeeld. Het is is in essentie hetzelfde als bovenstaand voorbeeld. Het enige verschil, is dat wanneer er voor die 1.000.000,- goederen/diensten worden gekocht, er bedragen aan derden worden overgemaakt en gestald op verschillende banken. In dit geval namelijk aan persoon B/C/D. B heeft een bedrag ad. E 200.000,- ontvangen, C een bedrag ad. E 400.000,- en D een bedrag ad. E 100.000,-. Zij zetten deze bedrag in dit geval allemaal op hun bank. Dit houdt dus in dat A. € 300.000,- op de bank heeft staan, B € 200.000,-, C 400.000,- en D 100.000,-. Het bedrag is dus opgesplitst naar vier partijen. Dit kan met grote of kleine bedragen, je lokale supermarkt kan er zelfs ook in mee worden genomen, die stalt uiteindelijk ook de ontvangen bedragen bij zijn bank. Al deze bedragen worden in het geheel door de bank gezien als eigen vermogen, ondanks dat ze gesplitst zijn over verschillende personen. Deze bedragen kunnen door de bank(en) gebruikt worden als eigen vermogen. Een garantielening met 10% van dit nieuwe eigen vermogen mag weer gebruikt worden om uit te lenen aan nieuwe leners. Allemaal wederom geld wat uit het niets wordt gecreëerd. Een schuld die op het moment dat die gecreëerd wordt oninbaar is. Pas in de toekomst kan de bank zijn geld verwachten. Gaat de economie slecht, dan neemt de garantie van terugbetaling af en het gevaar op een crisis toe. Want alle garantieleningen zijn ten eerste gebaseerd op geld wat nog niet bestaat. Het geld wat in essentie gecreëerd wordt met een druk op de digitale knop. Ten tweede is het geld creëren op geld creëren op geld creëren. Zolang de motor van productie en diensten blijft gaan is er niets aan de hand. Op het moment dat deze langzamerhand stilvalt omdat mensen geen geld meer hebben om de producten of diensten te kopen, zal langzamerhand een crisis ontstaan, waardoor leningen ook moeilijker afbetaald kunnen worden..

Helemaal nu de huidige geldcreatie machine niet meer gedekt is door de goudstandaard. Waar waardepapieren voor de jaren 70 van de vorige eeuw beperkt tot geheel inwisselbaar waren voor goud. Hier is na 1971 geen sprake meer van. De Amerikanen onder Nixon zijn in 1971 afgestapt van de dekking van dollars door goud op te heffen. Op dat moment hoefde een dollar niet automatisch meer inwisselbaar te zijn voor een bepaald gewicht aan goud. De dekking die zekerheid bood aan geld werd beëindigd. Sinds die tijd is de schuldenberg van opstapelende garantieleningen enorm toegenomen en is het financiële systeem steeds verder aan het infuus gelegd van het opkopen van schuldpapieren die niets waard zijn, geld bijdrukken, tot het verlagen van de rentes. 

Rente:

In het bovenstaande stuk over fractional reserve banken is beknopt uitgelegd hoe geld uit het niets gecreerd kan worden. Toch kan via deze vorm van bankieren wel uiteindelijk alles terugbetaald worden als iedereen voldoet aan zijn of haar afspraken en niet meer een krediet neemt. Dan is de cirkel rond. Maar door het invoeren van rente heffing over geleende bedragen, kan dit niet meer. Er is door rente een factor in het leven gebracht die geen onderpand heeft. Rente heeft geen dekking en moet geheel uit het niets gecreëerd worden. Buiten het normale verkeer van goederen, diensten, waardepapieren, kredieten en geld om is rente in essentie een virus wat continue gevoed moet worden.

Er is geen enkel waardepapier in omloop dat de rente quite kan laten spelen. Je dient het zo te zien. Een bank heeft 100.000,- in kas. Hiervan leent hij 90.000,- aan jou uit. Daarbovenop rekend hij nog eens 5% rente op jaar basis. Dat houdt in dat je tenminste het eerste jaar 5.400,- aan rente dient te betalen. Een bedrag wat nog niet in omloop is en wat niet bestond. Dit bedrag komt jaarlijks bovenop de huidige geld creatie.

Hoe kan dat ooit quit gespeeld worden?

Dat is niet mogelijk zoals ik al aangaf. De rente houdt de mensen die in het geldsysteem meedoen, gevangen. Ik bedoel hiermee in het kort aan te geven, dat wanneer 4 van de 5 spelers hun geleende bedrag plus rente hebben terugbetaald aan de bank, de laatste speler niet genoeg geld heeft om quite te spelen en in essentie failliet moet gaan. Er bestaat geen geld voor om hem of haar ook af te laten betalen. Dat is er gewoon niet. Er zal altijd een verliezer zijn en ontwikkeld dit zich altijd in een overlevingsstrijd. De rente zorgt automatisch voor een spel wat in de natuur weleens genoemd wordt, het recht van de sterkste. De zwakste gaat failliet. Die kan het niet meer voor elkaar krijgen om te betalen en zal weggecijferd worden. Het onderpand wat hij/zij voor de lening had gegeven, of de prive goederen die de onder curatele gestelde onder zich had, behoren nu de bank en de concurrente schuldeisers toe. Opeens behoort het hen toe. Met zoals eerder beschreven uit het niets gecreeerde geld. Van 200.000, maakte de bank 1.800.000 aan zogenaamd geld en ga zo maar door. Waarmee onderpanden zijn gekocht die daadwerkelijk waarde hebben en wat de bank bezit. De bank is sowieso winnaar. Of het ontvangt rente, of het heeft een onderpand en bij het om dreigen vallen wordt de burger gebruikt om de te groot om te falen banken uit de brand te helpen. Rente is in het hele spel van macht een hele belangrijke speler. Het is een systeem wat automatisch een winnaar heeft, de bank. De rest vecht om het geld wat nog over is. Dat is waarheid boven illusie. De meeste mensen in de wereld fungeren dan ook als de onderste blokken van de piramide, die de bovenste blokken op zijn plek houden. Steeds meer mensen en landen hebben schulden op schulden. Met welk onderpand als tegenprestatie?

Als ik dan verder ga over het element rente, dan is dit element naast het uitvallen van bepaalde spelers, ook mede verantwoordelijk voor het aanzetten van de geldpers en (in)direct voor de drang om steeds en steeds meer goederen te maken en diensten te leveren om de balans tussen het in omloop zijnde geld met de ontwikkelde goederen in balans te brengen. Om zo de inflatie niet te sterk te laten groeien.

Want inflatie ontstaat wanneer er meer geld in omloop is, dan er wordt gehandeld, vertegenwoordigd, gekocht wordt  in goederen en diensten. Hoe meer geld in omloop is ten opzichte van de goederen en diensten. Hoe meer inflatie er ontstaat en hoe meer geld je nodig hebt om een goed te kunnen kopen. Houd ermee rekening dat de papierengeld omvang continue vergroot dient te worden, om de garantie-leningen + rente te ondersteunen. Om dus quitte te spelen. De economie moet en zal blijven groeien. 

In essentie houdt dit in dat de economie dient te groeien en te groeien, om zo het  financiële en autoritaire monster/virus te voeden. Doen ze dit niet, dan blaast het hele systeem zichzelf uiteindelijk op. Want het effect van stagnatie in de productie en in de diensten is de vorming van een bel , die zichzelf opblaast. Dit is dus de reden dat de economie maar moet groeien en groeien. Op zich zou het logischerwijs toch niet zo erg zijn als je een moment rust neemt en even een paar jaartjes 0% gaat leven. We hebben het goed in Nederland, maar nee. We worden bang gemaakt, dat de economie verslechterd en dat het niet kopen van goederen een gevaar oplevert voor de economie.

Zij hebben daarin gelijk. Om dit autoritaire monster te laten overleven en de personen die het aansturen hun macht te laten behouden, dienen we continue te groeien, er zit niets anders op willen we dit ziek zijnde systeem in standhouden. Maar hoe los je dat op. Hoe zorg je ervoor dat er meer diensten en goederen worden afgenomen.

Consumisme is een heel belangrijk element om de economie en het autoritaire systeem draaiende te houden. Een middel om het monster te blijven voeden, dat langzamerhand de hele wereld leegplundert. Waar winst staat boven menselijke gezondheid. De meeste mensen kopen maar raak en raak. Continue zijn er weer spullen die we allemaal moeten hebben, omdat ze ons leven zogenaamd beter maken. Elke keer is er weer een nieuw model, die aardig op de 1e leek, maar altijd ietsje beter is. Altijd een ontwikkeling die we opnieuw dienen te hebben. Die ons een plek van zinsgeving, groepsgevoel en vooruitgang geeft. Houd er altijd rekening mee dat al deze bedrijven gebaseerd zijn op het maken van winst en doormiddel van reclame mensen proberen te overtuigen dat ze hun product moeten kopen. Via reclame die gericht is op overlevingsinstincten, op het oplossen van onzekerheden, op vernieuwing, technologische ontwikkelingen en verbetering van de levensstandaard en als laatste en misschien wel de belangrijkste, statusverhoging. Er zijn zoveel elementen die ons als persoon beïnvloeden of moeten beïnvloeden. De meesten zijn in essentie slaven van een commercieel systeem. Waar het grootste goed, status en winst is en waar gezondheid en duurzaamheid op een lagere plek komt. 

Houd er rekening mee dat bedrijven en industrieën een hele belangrijke functie vervullen om het monetaire systeem levend te houden. Er is een onderzoek gedaan naar de connecties tussen bedrijven. Uit onderzoek blijkt, dat de 127 grootste bedrijven in de wereld allemaal met elkaar zijn verbonden, dan wel dochterbedrijven van elkaar zijn. Van het afgescheiden zijn op de “bovenste” lagen van het bedrijfsleven is geen sprake. De verbondenheid is groot.  Een advies van mij om de ted talk hierover te kijken. 

De wereld draait op een financiële machine van schuld door garantieleningen en geëiste leningen aan banken die geld uit het niets creëren. Een ziek systeem wat niet houdbaar is, maar wat met man en macht in leven wordt gehouden. Een persoonlijke noot van mij. De schuldenberg kan als middel ingezet worden om op commando een crisis te starten, om landen in het gareel te krijgen en mensen te laten werken in oneindigheid om iets af te betalen. Dit boek is erop gericht om informatie te geven over de wereld om ons heen. Over de absolute zaken en de relatieve. Om de kracht in ons mens naar boven te halen en door de illusie meer de waarheid te zien. Een waarheid die zich elke dag meer en meer aan mij openbaart, maar die zeker nog niet geheel door mij is gevonden. Het monetaire systeem is een middel wat door machthebbers gebruikt wordt om controle uit te oefenen op de massa. Door goederen, diensten, politiek en middelen te kopen die het machtsverschil in stand houdt. Wij als mensen verschillen niet veel van elkaar. In grote lijnen zijn we hetzelfde.

Door te durven twijfelen en door te durven open staan voor alternatieve percepties van mensen, kunnen we de wereld in een meer juist en eerlijker daglicht zien. Dan zien we dat we meer verbonden zijn en dat het het absolute geloof in de kleine details is, wat ons van elkaar afsluit en verbindt. Het is de omgekeerde wereld. Dat doorzien is de stap naar omarming van wat is en afwijzing van wat niet is.  Dat is het doel van het delen van deze informatie en in het geheel van dit boek.

Op naar de macht van media en propaganda.